Een nieuwe lente, géén nieuw geluid

We weten dat de Franse Revolutie vrijheid, gelijkheid en broederschap bracht, óók in het Brabant van weleer. Toch?

1790 - Bliksems scherp

Je mag het natuurlijk niet hardop zeggen, maar het heeft er toch wel alle schijn van dat de grote Franse uitbarsting in juli 1789 en de roep om vrijheid, gelijkheid en broederschap ook in Gemert de verhoudingen op scherp zette. Kijk, de drossaard beledigen, dat doe je in normale tijden niet zo vlug. En hem publiek beledigen tijdens een publieke verkoop, dan kun je net zo goed meteen naar de kerker van het kasteel wandelen en zelf de getraliede deur achter je in het slot gooien. Maar Jan, de zoon van Thomas van den Bergh, durfde het in december 1790 tijdens de publieke verkoping van de goederen van wijlen Peter Penninx en Elisabeth van den Bergh aan om zeer verregaande en honende woorden te gebruiken tegen drossaard Henricus van Moorsel en de twee schepenen die de verkoop leidden. Goed, het was hartje winter, maar de politieke lente was voelbaar … Jan greep de lantaarn die aan de beurt was om geveild te worden van de tafel en duwde die brutaal onder de neus van de drost:

‘Is die lantaarn wel goed, drost?En die spiegel, en dat getouw? Waarom zijn die terzijde gezet? Leid ge ’t bieden wel eerlijk?’

En zich omdraaiend naar het publiek:

‘Ze zijn tegenwoordig wel bliksems scherp, de heren achter de tafel. Ze zullen wel verstoord zijn en een aanklacht indienen, maar ik vind dat de schout zich juist jegens mij vergrijpt!’

Een nieuwe lente, een nieuw geluid? Nou nee, Jan diende heel ouderwets een boete van 60 gouden realen te betalen!