Als ik kon toveren ....

Ja, ja, we horen wel eens over hekserij in vroegere eeuwen. Dan halen we onze schouders op. Maar pas op, voor je het weet kruip je door het oog van de naald!

Voor drossaard en schout Gerardus Doncquers, en Willem Ansems van Hout en Andries Aerts van den Eijnde, schepenen van Gemert, verschenen ARNOLDUS DECKERS, soldaat onder het regiment van  de heer Volckenhoven in de compagnie van de heer Clarenbeeck, alhier tot Gemert geboortig, en HENDRINE WILLEMS, oud omtrent 24 jaar, die ter instantie van CATHARIJN, gesepareerde huisvrouw van HENDRICK CREMERS verklaren dat omtrent 10 maanden (Arnoldus) of een jaar (Hendrine) geleden zij hebben gehoord en gezien  dat JOANNA MARIA wv PETER van den BERGH tegen Catharijn zei dat ze een hoer, dievegge, een heks en een ontdeugend vercken was en “ick sal haer soo cleijn maecken, dat sij door de ooge van een naelde sal konnen cruijpen”.                                 28 september 1720