Condé neemt alles mee

Als zo'n rondtrekkende legerbende jóúw dorp binnenviel, dan was dat soms een kleine, maar meestal een grote ramp.

1673 - Condé neemt alles mee

De Gemertse schepenen krijgen bezoek van hun collega-regeerders van het naburige dorp Lieshout. Dat dorp heeft veel te lijden gehad van het kampement dat Zijne Doorluchtigheid de prins van Condé heeft opgetrokken. Hij is de aanvoerder van het Franse legervolk dat hier nog steeds als een sprinkhanenzwerm de streek afstruint en leegplundert, in de driehoek tussen Aarle, Lieshout en Beek.

            ‛Het gewas van allerhande koren is door de Franse troepen gedevasteerd en        geconsumeerd. In Lieshout zijn veel huizen door de soldaten afgebroken en als brandhout gebruikt.

Veel dorpelingen zijn dus dakloos en zien zich gedwongen in andere dorpen om brood te gaan bedelen. De schepenen zijn naar de neutrale, vrije heerlijkheid Gemert gekomen om een verklaring mee te krijgen, waarin staat dat Lieshout inderdaad aan een hoop ellende ten prooi is gevallen en eigenlijk gevrijwaard zou moeten worden van allerhande lasten en contributiën. De Gemertse vroede vaderen, overpeinzend dat die neutrale status van Gemert toch wel heel prettig is, voldoen graag aan het verzoek. Ze zijn ten tijde van het Franse kampement, dat bijna twee weken heeft geduurd, met eigen ogen gaan bekijken wat het betekent als een grote legertroep bij je dorp neerstrijkt.

Drie dagen later staan de Beekse schepenen op de stoep van de Gemertse secretarie. Zelfde verhaal, zelfde verzoek. Ook zij gaan met een mooi document naar huis.

De rij wordt gesloten door de regeerders van Bakel, een dorp dat hemelsbreed ook maar een paar ferme steenworpen van Aarle af ligt. In het Bakelse hebben de inwoners uit vrees voor de legertroepen vast zoveel mogelijk haver en gerst van het land gehaald en naar het dorp gebracht. Maar één dag voor het vertrek van de Fransen, op maandag 7 augustus, slaat het noodlot toe. Ondanks het feit dat het in het dorp opgestelde koren van een sauvegarde is voorzien en de slagbomen neer zijn, is door een Frans konvooi zoveel meegenomen dat de Bakelnaren nu moeten gaan “verloopen” en om hun brood gaan bidden. En om een Gemertse verklaring dienaangaande. Uiteraard krijgen ze die.

            ‛Och, die van Gimmert vallen eigenlijk best wel mee.